

De vossenlintworm, Echinococcus multilocularis.
Deze kleine lintworm (2 tot 6 mm groot), komt voor in de dunne darm van de vos.
De eitjes van deze lintworm worden uitgescheiden met de faeces en kunnen zo dus weer via voedsel door knaagdieren worden opgenomen. Door besmette knaagdieren te eten besmetten vossen zich weer, waardoor zich in de vossendarm een volwassen lintworm ontwikkelt, die weer eitjes uitscheidt enz. Honden kunnen besmet raken door contact met (dode) vossen en/of hun uitwerpselen. Ook mensen kunnen zich besmetten. Evenals bij knaagdieren, ontwikkelt zich dan vanuit een ei een larve die zich ontwikkelt tot een z.g. blaasworm. Dit gebeurt vaak in de lever. Deze blaasworm blijft daar doorgroeien, waarbij veel beschadigingen ontstaan. Uit de gevormde vochtblazen ontstaan weer nieuwe blaaswormpjes. Het proces lijkt dan veel op leverkanker.Pas na vele jaren gaat men pas iets van de besmetting merken. Veelal zal de patient het niet overleven. Meer informatie is o.a. te vinden op de site van het R.I.V.M.

